Malcolm denkt na: over de komende gemeenteraadsverkiezingen in Leuven

Maandag 1 oktober 2018

Inleiding

Binnen minder dan twee weken moeten we weer met zijn allen naar een of ander overbevolkt lokaal op wandelafstand om een aantal stemmen uit te brengen. Blijkbaar zijn onze gemeente- en provincieraden aan vervanging toe, hoewel iedereen zich wellicht afvraagt in welke mate het nog van belang is provinciale vertegenwoordigers te kiezen nu de Vlaamse Regering op initiatief van de N-VA heeft beslist de provincies van een hele reeks belangrijke bevoegdheden te beroven [1]. Ik wil me dan ook vooral focussen op de gemeenteraadsverkiezingen.

Op veel plaatsen wordt het geen spannende strijd. In veel gemeenten komen slechts enkele lijsten op en zal het resultaat allicht een kleine variatie op de percentages van zes jaar geleden worden. In het West-Vlaamse Vleteren komt CD&V niet op. In Vorselaar is er wel een lijst van CD&V, maar daar is er dan weer slechts een enkele andere partij die het de moeite vindt op te komen. In Herstappe, met 88 inwoners nog steeds de kleinste gemeente van het land, komen er helemaal geen verkiezingen, want er zijn zelfs amper genoeg kandidaten om de enige ingediende lijst te vullen.

Op andere plaatsen wordt het dan weer bijzonder spannend. Veel burgemeesters weten niet hoe veilig hun troon is en veel aspiranten dromen nu al luidop van de macht en in stilte van het machtsmisbruik dat hun eigenlijke doel is. De journalisten kijken dan weer vooral naar Antwerpen, al enkele decennia het grootste politieke strijdtoneel van België en een belangrijke barometer voor de volgende verkiezingscampagnes [2].

Leuven is een kleinere stad en heeft ook geen belangrijke haven, wat betekent dat we hier niet voornamelijk cocaïne importeren en meerderwaardigheidscomplexen exporteren, maar de strijd wordt er wel minstens even spannend [3]. Het reeds lang aangekondigde vertrek van Louis Tobback, ondertussen al burgemeester sinds januari 1994, creëert natuurlijk een machtsvacuüm en we weten al sinds Aristoteles dat elk vacuüm onmiddellijk wordt opgevuld [4]. Maar het draait natuurlijk niet enkel om die ene burgemeesterstitel. Er wordt gevochten voor elke zetel en de verdeling tussen de partijen zal het beleid even sterk bepalen als de persoon die uiteindelijk als almachtig wezen wordt aangesteld.

Ik wil enkele punten overlopen, namelijk de zetelverdeling, de partijen, de mogelijke coalities, de kandidaat-burgemeesters, de partijprogramma’s en tot slot de voor- en nadelen van elk resultaat. Men kan dit beschouwen als een stemadvies, maar ik ken mijn publiek wel beter. Ik heb geen volgelingen die mijn standpunten blindelings overnemen, maar hopelijk kan ik wel een bijdrage leveren om iedereen ertoe aan te zetten een verstandige, doordachte en realistische keuze te maken.

De zetelverdeling in de gemeenteraad

De Leuvense gemeenteraad telt vanaf januari 2019 47 personen. Die zetels zijn gebaseerd op het inwoneraantal van de gemeente [5], in dit geval dus iets meer dan 100.000 mensen [6]. De huidige gemeenteraad telt echter slechts 45 leden, gebaseerd op het nog iets lagere inwonersaantal in 2012. Het gevolg is natuurlijk dat de kandidaten zonder zetel het niet enkel moeten opnemen tegen mandatarissen die hun huidige zetel verdedigen, maar dat de stadsdiensten bij Ikea twee compleet nieuwe zetels hebben afgehaald waarop nog niemand enige aanspraak kan maken. Ook dit maakt het moeilijk tot een accurate voorspelling te komen.
De huidige zetelverdeling is duidelijk geen afspiegeling van de Vlaamse gemiddelden:
sp.a: 16 leden
CD&V: 9 leden
N-VA: 9 leden
Groen: 7 leden
Open Vld/Leuven+: 3 leden
Vlaams Belang: 1 lid
Totaal: 45 leden

Om een coalitie te kunnen vormen, moest in 2012 een meerderheid van 23 zetels of meer worden gevonden. De huidige coalitie bestaat uit sp.a en CD&V, samen goed voor 25 van de 45 zetels. Met het nieuw aantal te verdelen zetels zal de nieuwe meerderheid echter 24 zetels of meer moeten tellen.

De partijen

De grootste partij is sp.a, maar dat lag tot nu toe vooral aan de populariteit van de in Leuven geboren en getogen burgemeester. Dat de partij nog meer zetels zou halen, lijkt dan ook zeer onwaarschijnlijk. De grote vraag is eigenlijk hoe groot het verlies zal zijn.

Voor de N-VA zijn de verkiezingen in Leuven bijzonder belangrijk. Als alles dan toch de schuld van de Sossen is, moet de partij natuurlijk goed kunnen scoren in een stad waar die vervloekte voorstanders van de uitkeringen en vervangingsinkomens al jarenlang de plak zwaaien. Dit zijn voor de N-VA dan ook zeer symbolische verkiezingen. Meer nog dan zo veel mogelijk zetels, schepenmandaten of burgemeesterssjerpen te veroveren, gaat het erom al dat links gespuis overal buiten te jagen of buiten te houden, van het gotisch stadhuis van Leuven tot de Propere Verdieping in het Centrum van de Wereld. De N-VA zal zeker stemmen winnen, maar de grote vraag is of het er voldoende zullen zijn om ook hier de grootste speler te worden.

CD&V is intern verdeeld en staat op de rand van de patricide, een oude partijtraditie die steeds weer aan de oppervlakte komt zodra een kandidaat van middelbare leeftijd de kans ziet een oudere kandidaat een mes in de rug te steken. Verjonging is dan het excuus, maar de daders zijn steeds veertigers. De partij heeft geen boegbeeld dat iedereen verenigt en moet het hebben van het haar imago van deugdelijke bestuurders. De partij zal allicht niet sterk stijgen of verliezen, maar veeleer de status quo behouden die ook de kern van hun economisch programma is. De grootste vraag is eigenlijk wie het hoogst aantal voorkeursstemmen zal halen en zich bijgevolg het nieuwe hoofd van het huis met de vele afgeleefde kamers mag noemen.

Groen is de vierde partij in Leuven, een status waar ze op sommige andere plaatsen enkel van kunnen dromen. Dankzij de stijgende aandacht voor milieugebonden thema’s zit de partij in de lift, maar niemand kan voorspellen op welke étage die lift zal stoppen. De winst kan beperkt blijven of de partij kan een gedeelte van de afhakende kiezers van sp.a oppikken.

In tegenstelling tot pakweg heel Oost-Vlaanderen is Open Vld in Leuven een kleine partij die tijdens de aflopende legislatuur amper heeft meegespeeld. Om de totale marginaliteit te vermijden, moet de partij dringend kunnen scoren en een deelname aan een nieuwe coalitie lijkt de ideale oplossing. Daarvoor moet de partij echter minstens even groot blijven en liefst nog wat groeien. Dat laatste zit er niet echt in, maar het lijkt er ook niet op dat hun overgebleven kiezers opeens zullen deserteren.

Het Vlaams Belang bestaat voorlopig nog, maar dat hoeft zo niet te blijven. De vraag is of de harde kern die vorige keer de lokroep van de N-VA kon weerstaan ook deze keer zo trouw zal blijven. Veel veteranen van de eerste Zwarte Zondag in 1991 zijn ondertussen overleden en de aantrekkingskracht op jongeren is niet meteen overweldigend. Er is dan ook een kans dat die harde kern niet talrijk genoeg is om een zetel binnen te halen.

De PvdA is ambitieus en wil eindelijk een eerste zetel binnenhalen. Daarvoor moet het stemmenaantal echter bijna verdubbelen. Nu ja, dat is hen in 2012 ook gelukt. Meer zit er allicht niet in, maar de partij kan natuurlijk profiteren van het feit dat heel wat progressieven niet tevreden zijn met het beleid dat sp.a heeft gevoerd en misschien wel op zoek zijn naar een uitgesprokener alternatief.

De programma's

Natuurlijk kunnen gemeenteraadsverkiezingen nooit volledig los worden gekoppeld van regionale en nationale tendensen en onderwerpen. Er kan lokaal worden gediscussieerd over het gemeentelijk onderwijs, de ruimtelijke ordening,  het gebrek aan fietspaden, fuifzalen, busverbindingen in deelgemeenten, leegstaande winkelpanden in het centrum of de eventuele bouw van ondergrondse parkeergarages, maar zodra een nationaal politicus verklaart dat hij een paar vreemdelingen uit het land zal zetten, zal zijn partij in elke gemeente stemmen winnen.

Het zou natuurlijk veel te veel tijd en ruimte kosten op elk programmapunt in te gaan, maar ik zal proberen voor elke partij minstens een veelzeggend punt te vinden. Ik baseer me hiervoor enkel en alleen op wat de partijen op hun eigen websites hebben geplaatst.

Het programma van sp.a is bijzonder uitgebreid, wat ook mag worden verwacht van een partij die al 24 jaar mee het beleid bepaalt en bijgevolg over veel ervaren leden en medewerkers beschikt. De grote vraag is echter in welke mate de partij dit programma ook daadwerkelijk wil uitvoeren. In 2012 kloegen ze in hun campagne ook over de betaalbaarheid van woningen in Leuven, maar daar hebben ze met al hun schepenen en gemeenteraadsleden wel niet veel aan verbeterd. Als mensen niet voor sp.a stemmen, zal dit niet aan het programma liggen, maar veeleer aan een gebrek aan vertrouwen in de uitvoering.

Ik geef een voorbeeld uit het hoofdstuk over jeugdbeleid: “Door het autoluw maken van de binnenstad ontstaan er veel nieuwe bruikbare pleinen. Deze moeten ingericht worden als ontmoetingsplaatsen waar iedereen zich welkom voelt. Het Damiaanplein leent zich door zijn ligging tussen Paridaens, het Heilige-Drievuldigheidscollege en het Sint-Pieterscollege uitstekend om te ontwikkelen tot een ‘jongerenplein’.” Dat klinkt goed, maar dat dan enkel tot men het plein eens bezoekt. Jongeren die ergens rondhangen, zullen op zijn minst met elkaar praten. Alcohol kunnen ze al helemaal vergeten, want er is slechts één café en drank uit de nachtwinkel op straat consumeren, is reeds jaren verboden. Maar avondlijke gesprekken op straat volstaan al om de buren naar de politie te laten bellen om over de overlast te klagen. Hoe de partij dit wil oplossen, heb ik nergens gelezen.

CD&V probeert eens te meer over te komen als een brede volkspartij met een programma waarin aandacht wordt geschonken aan iedereen. Enerzijds levert dit vaag taalgebruik op dat dient als camouflage van programmapunten die mogelijke critici gemakkelijk over het hoofd kunnen zien. Anderzijds blijft het programma op sommigen punten zo vaag dat het wel lijkt alsof bepaalde thema's enkel voor de schone schijn in de lijst zijn opgenomen.

Een voorbeeld van het eerste is deze zin: “We voorzien sensoren die luchtkwaliteit en nachtlawaai meten en de resultaten onmiddellijk doorsturen naar de bevoegde stadsdiensten; met ook informatie voor de Leuvenaar.” Sommige mensen zullen er wel hebben overgelezen, maar wat hier eigenlijk staat, is dat ze naast alle camera's ook nog eens sensoren willen plaatsen die meten waar er op straat mensen luid praten en dergelijke. Hoe ver zijn we nog van microfoons die vervolgens die conversaties kunnen opvangen?

Een voorbeeld van het tweede is deze zin: “De klimaatverandering dwingt ons om meer ruimte te geven aan water en groene bufferzones (groene beekvalleien, groen op hellingen...). Open ruimte en groen vormen een meerwaarde voor de levenskwaliteit van de stad.” Op zich klinkt dat zo slecht nog niet, maar dit is dus de volledige inhoud van het programmapunt 'Groen in de stad'. Meer staat er niet. Een geweldig groot engagement zou ik het niet noemen.

Het programma van de N-VA is bijzonder uitgebreid, maar ik wil me tot een punt beperken. Dit is een citaat van Lorin Parys, terug te vinden op de website van de Leuvense partijafdeling: “En wat dan met aparte zwemuren voor allochtone vrouwen? Wij gaan niet terug in de tijd. Wat moet ik zeggen tegen al de vrouwen die gevochten hebben voor hun emancipatie en gelijke behandeling wanneer we nu aparte zwemuren gaan invoeren in de naam van die emancipatie? Dat is de wereld op zijn kop. En wat moet ik tegen mijn mannelijke Leuvenaars zeggen die dan ook graag zouden gaan zwemmen? Dat het niet kan omdat we meehelpen de onderdrukking van een aantal allochtone vrouwen in stand te houden? Dat zal in ieder geval zonder mij zijn. Mannen en vrouwen zijn gelijkwaardig en daar ding ik geen millimeter op af.”

Wel, hij heeft er niets van begrepen. Die aparte zwemuren die voor vrouwen worden voorbehouden, hebben eigenlijk niets met religie te maken. Ik ken persoonlijk een aantal vrouwelijke medemensen die daar graag naartoe gaan en dat zijn stuk voor stuk even grote atheïsten als ik. Wat zij willen, is dat ze gedurende een uurtje of meer eens kunnen zwemmen zonder door venten te worden bekeken en zonder zich onzeker over hun eigen lichaam, ouderdom en gewicht te moeten voelen. Daar draait het om. Als de N-VA zich wil blindstaren op een paar moslims en wil negeren dat veel autochtone vrouwen zich ongemakkelijk voelen in het gezelschap van autochtone venten, hoef ik de rest van het programma niet meer te lezen.

Groen focust zich op de vertrouwde thema's. Het officiële verkiezingsprogramma is maar liefst 98 pagina's lang, wat allicht meer dan een potentieel geïnteresseerde kiezer zal afschrikken. Sommige voorstellen zijn zeker realistisch en doordacht, zoals blijkt uit dit citaat: “Binnen de stadsdiensten wordt een subsidieambtenaar aangesteld. Die heeft als taak om systematisch te proberen vooral Europese subsidies binnen te halen voor lokale projecten. Ervaringen in andere steden bewijzen dat zo’n ambtenaar zichzelf relatief gemakkelijk terugverdient.” en natuurlijk “Groen is voorstander van het behoud van Parkveld als openruimtegebied. We sluiten ons in die zin aan bij het advies van de SARO bij het voorontwerp RUP voor de afbakening van het regionaalstedelijk gebied. Het moet mogelijk zijn de voor deze zone voorziene woningen elders te voorzien (wat ondersteund wordt door het nieuwe Ruimtelijk Structuurplan Leuven). Voor wat betreft de voorziene ruimte voor bedrijven stellen wij voor dat er op korte termijn een studie wordt gemaakt die de mogelijkheden voor een actieve verdichting op de bedrijfszone Haasrode uitwerkt en ook
onderzoekt hoe kmo’s kunnen worden geïntegreerd op de nieuwe bedrijfszone Leuven-Noord (waar men ook zou moeten kiezen voor een voldoende hoge dichtheid). De zone Parkveld dient een rol te spelen in een lokale klimaatneutrale voedselstrategie. Dat op het terrein Leuven-Noord ook gekozen is voor de ontwikkeling van een logistiek platform voor stadsdistributie is een extra argument voor die locatie en dus niet voor Parkveld.”

Op andere punten gaan ze echter wat te ver. Het is allemaal ongetwijfeld goedbedoeld, maar toch: “Leuven krijgt zijn eigen vrucht. Als van oudsher wordt fruit gekweekt in steden. Daar wordt ook de nodige communicatie rond gevoerd.” Zou daar nu echt iemand van wakker liggen?

Open Vld heeft momenteel maar drie zetels, maar daarvan dreigen ze er nog eens twee te verliezen. Het onderstaand citaat is afkomstig van Rik Daems, die zijn verkiezingsprogramma uiteraard een memorandum noemt: “We moeten durven “out of the box” denken en een nieuw concept lanceren: “Upstairs - Downstairs “. Dit betekent dat de ruimte bovengronds zo veel mogelijk voor voetgangers en fietsers beschikbaar is maar dat gemotoriseerd vervoer waar mogelijk ondergronds wordt gebracht. Dit concept maakt niet alleen de stad aangenamer om te leven maar heeft ook een gunstige invloed op het beheersbaar maken van een deel van de co2 uitstoot. Daarom moet een ernstige conceptstudie uitgevoerd worden over dit totaal nieuw concept, dat bestaat reeds deels in Leuven met de ondergrondse parkings maar nog verder moet doorgevoerd worden in navolging van andere steden zoals Mechelen. We moeten durven om de Oude Markt en andere pleinen te herbekijken. En niet alleen in het centrum. Zo bijvoorbeeld ook in Kessel Lo met het Becker Remyplein, of Heverlee met het Gemeenteplein. Het nieuwe concept, en dan vooral het ondergrondse element, moet pleinen aaneensluitend kunnen maken. Ingangen van bestaande parkings kunnen verlegd worden, zodat pleinen tot één geheel kunnen gemaakt worden.”

Gelukkig ben ik niet diegene die de cafébazen op de Oude Markt moet gaan vertellen dat ze gedurende twee jaar geen terras kunnen buitenzetten omdat heel het plein tot een grote bouwwerf wordt herleid ten voordele van een ondergrondse parking waar niemand in kan rijden tot vervolgens nog eens de helft van de oude binnenstad is uitgegraven.

Het Vlaams Belang maakt zich eens te meer belachelijk met een programma vol subtiele oproepen tot officiële discriminatie. Vooral hun bericht “Aan de handelaars, middenstand en ondernemers van Leuven” biedt een duidelijke blik op hun strijd tegen de realiteit. De uitbaters van nachtwinkels moeten streng worden gecontroleerd want ze zijn eigenlijk niet welkom, maar de uitbaters van andere handelszaken moeten een vaste vertegenwoordiging in een nog op te richten Mobiliteitsraad krijgen en moeten de kans krijgen met een bestelwagen vol afval naar het Leuvens containerpark te rijden. De meeste uitbaters wonen echter niet in Leuven, betalen hier geen gemeentelijke opcentiemen en kunnen hier zelfs niet stemmen. Is dit dan niet in strijd met de slogan “Eerst onze mensen”? De toetsing aan het gelijkheidsbeginsel zouden deze voorstellen in elk geval niet overleven.

Ik kan het toch niet laten een citaat over te nemen. Goede humor is al zo zeldzaam tegenwoordig. “Eerlijke handel mag onze eigen Leuvense handelaars niet uitsluiten. Onder druk van het label ‘fairtrade gemeente’ richt het stadsbestuur zich voor de catering van vergaderingen, recepties en feestelijkheden te vaak uitsluitend op producten van één bepaalde wereldwinkel. Het label verlangt ook dat het gebruik van ‘eerlijke producten’ actief wordt gepromoot bij het personeel en de inwoners. Het stadsbestuur heeft er echter geen oog voor dat een bepaalde wereldwinkel zich in de afgelopen jaren ontpopte tot een commercieel bedrijf met de allures van een grootwarenhuis. Vlaams Belang ziet geen enkele reden waarom het Leuvens stadsbestuur één bedrijf boven alle andere zou verkiezen op basis van iets anders dan een offerte waarin prijs en kwaliteit de voornaamste rol spelen. Het stadsbestuur moet ‘fair trade’ ook niet kaderen in zogenaamde derdewereldprojecten. Ontwikkelingssamenwerking is geen taak van de steden en gemeenten, dat is een taak van het Vlaamse niveau.” Geweldig hoe de partij hier suggereert dat gemeenten het beleid van de Vlaamse overheid actief mogen dwarsbomen. Maar ja, de partij heeft dan ook geen hoop meer ooit nog deel uit te maken van de Vlaamse Regering.

Wat de PvdA betreft, begin ik met het programmaonderdeel getiteld ‘Woonstad’. In feite is dit in sterke mate een fotokopie van allerlei suggesties die ik zelf al eens heb gedaan om het woonbeleid aan te pakken. Vergelijk het standpunt van de partij maar eens met een van mijn eigen blogposts.

Ik sta hier volledig achter. Het is zelfs het beste programma inzake woonbeleid dat ik al heb gezien, maar hetzelfde kan helaas niet worden gezegd van het onderdeel getiteld ‘Stad zonder graaiers’. De partij vindt dat politici een ‘afkoelingsperiode’ van vijf jaar moeten doorlopen voor ze in de privésector mogen werken. Werkelijk? Een beroepsverbod? En waar moeten die mensen dan gedurende vijf jaar van leven? Ik ben helemaal voor het systeem van werkloosheidsuitkeringen, maar het kan niet de bedoeling zijn dat we mensen dwingen van een uitkering te leven. Of moeten ze eerst allemaal voor vijf jaar een contract bij de overheid krijgen? Dit is trouwens helemaal geen gemeentelijke bevoegdheid en elk lokaal bestuur dat een dergelijke beslissing neemt, zal zich op zeer korte termijn in de arbeidsrechtbank bevinden. Ze zouden trouwens eerst al eens een sluitende definitie van ‘politicus’ mogen geven. Sommige partijen verdrinken in de wereldvreemde juristen, maar de PvdA heeft er blijkbaar geen enkele in huis.

De kandidaten, in het bijzonder de kandidaat-burgemeesters

De lijst van sp.a wordt aangevoerd door Mohamed Ridouani, een gewezen lid van het links-liberale Spirit waarvan wordt vermoed dat hij nu socialist is. Dit is trouwens niet enkel het afscheid van Louis Tobback, maar ook van een aantal oudgediende schepenen als Dirk Robbeets en Jaak Brepoels, die vond dat er tegen de woningprijzen in Leuven mag worden geprotesteerd tot in zijn eigen wijk een gebouw werd gekraakt. Zij hebben zichzelf nog onderaan de lijst geplaatst, waardoor het lijstduwersconcept meteen met een paar honderden percenten is uitgebreid. Ook Myriam Fannes vertrekt, tot de grote spijt van niemand.

De lijst bevat natuurlijk ook een pak minder bekende namen, zoals Aynur Tasdemir, die zich op haar affiches zeer discreet in de kleuren van de Koerdische vlag heeft gehuld. In bepaalde Limburgse wijken zou dat haar een publieke steniging opleveren, maar in Leuven ligt de situatie anders. Het land is blijkbaar op veel vlakken verdeeld. Voor de rest zijn we tegen nationalisme, natuurlijk.

De lijst van de N-VA wordt aangevoerd door Lorin Parys, als holebi en pleegouder waarschijnlijk wat te soft voor de echte mannen van Schild en Vrienden. Hij heeft waarschijnlijk het merendeel van zijn verkiezingsbudget moeten besteden aan de renovatie van zijn meermaals in brand gestoken caravan. Tenslotte moet hij als Vlaamsgezinde maar  geen rijdende symbolen van de onderdanen van het huis van Oranje importeren. Lorin Parys is een donkerblauwe liberaal en daar hoort natuurlijk een flinke dosis opportunisme bij. Als kabinetschef van de ondertussen gelukkig naar de recyclagecontainer verwezen minister Patricia Ceysens wist hij zich op te werken tot de rechterhand van Bart Verhaeghe en zijn megalomaan Uplace-project, maar zodra de partij hem niet genoeg meer te bieden had, ruilde hij Open Vld zonder enige loyauteit of eergevoel in voor een nieuwe bondgenoot in de eeuwige strijd om meer en meer prestige.

De lijst vormt verder een dwarsdoorsnede van alles wat mis is met onze samenleving, zij het wel met uitzondering van religieus fanatisme. Een mens of een lijst kan niet alles hebben. Op hun eigen website staat bij de meeste kandidaten vermeld wat hun beroep is. In sommige gevallen is dat handig, want zo weten we welke winkels een boycot verdienen [7]. In andere gevallen is de omschrijving minder duidelijk.

Op de derde plaats staat Zeger Debyser, gerenommeerd professor aan de KU Leuven en volgens zichzelf groen en sociaal bewogen. Alleen heeft hij zelf al op voorhand verklaard geen tijd te hebben. Verder wat gepensioneerden die ironisch genoeg niet allemaal tot hun 65e verjaardag hebben moeten werken, wat studenten met ongetwijfeld lidkaarten van dubieuze verenigingen vol linten en vooroordelen, wat personeel van de KU Leuven en zelfs een paar mensen in overheidsdienst. De bizarste van de hoop is echter Katia Warny, die haar beroep zelf omschrijft als ‘Nee tegen het circulatieplan’. Dat moet indruk maken op de VDAB. Katia kwam regelmatig in het Rock Café en was ervan overtuigd dat alle stamgasten haar meteen zouden helpen met haar campagne. Het werd een teleurstelling. Dat de N-VA geen enkele kandidaat uit Wijgmaal heeft, lijkt me trouwens geen strategische zet. Het kan ook betekenen dat ze de taal niet spreken.

Bovenaan de lijst van CD&V staat uiteraard Carl Devlies, wiens ego al decennialang snakt naar het gevoel van erkenning dat het burgemeestersambt hem zou schenken. Volgens de officiële website van CD&V Leuven is hij kandidaat-burgemeester, maar daar valt over te discussiëren. In 2012 heeft Carl Devlies 3.163 stemmen en Dirk Vansina 2.804 stemmen gehaald. Dat verschil is niet groot, om het zacht uit te drukken. In datzelfde jaar haalde Louis Tobback 9.921 stemmen en Mohamed Ridouani 2.325 stemmen. Het is dus helemaal niet zeker dat Devlies zich na de telling van de voorkeursstemmen nog het echte boegbeeld van CD&V Leuven mag noemen.

Verder staan op de lijst een aantal oude bekenden en nieuwe verdachten. Opmerkelijk is wel de terugkeer van Marc Eyskens op de 41e plaats. Is dit een uitbreiding van het lijstduwersconcept of wil hij effectief zetelen? Kan de minister van Staat nog een meerwaarde bieden of heeft zijn zelfbeeld gewoon wat persaandacht nodig? Verder kunnen de CD&V’ers van de rechtse lijn, oftewel de fans van Pieter De Crem en Hendrik Bogaert, nog een stem uitbrengen op de geschifte reserveofficier Erik Vanderheiden, een conservatief boegbeeld in een helaas nog niet volledig bandeloze stad.

Groen, ondertussen al jaren zonder uitroepteken, trekt naar het plebisciet met David Dessers als lijsttrekker. Dessers zit al jarenlang in de gemeenteraad, maar is natuurlijk geen nationale bekendheid. De grote vraag is of hij echt als centrale publiekslieveling fungeert of dat zijn partij het eigenlijk vooral van de algemene aantrekkingskracht van haar standpunten moet hebben. In feite zou dit laatste voor elke partij moeten gelden, maar zo werkt de dorpspolitiek niet.

De rest van de lijst staat uiteraard vol goedbedoelende biogroentenkopers, allochtonen tegen achterstelling en bejaarde veteranen van diverse betogingen in de jaren 1970. Geheel in overeenstemming met het streven naar gelijkheid mag de tweede op de lijst zich meteen duolijsttrekker noemen. Wat dit betekent, staat nergens uitgelegd. Magda Aelvoet is ondertussen 74, maar dat is natuurlijk nog altijd een pak jonger dan Marc Eyskens. Op de twaalfde plaats staat overigens An Moerenhout, momenteel een van de vertegenwoordigers van Groen in het Vlaams Parlement. Haar lokaal engagement is zo groot dat ik niet eens besefte dat ze in Leuven woont.

Bij Open Vld kiezen ze eens te meer voor Rik Daems als kandidaat-burgemeester. Na ernstige mislukkingen in Aarschot en Herent mag hij het hier nu voor een tweede maal proberen. Zijn grootste nadeel is niet dat zijn partij in Leuven vrij zwak staat, maar dat de Leuvense afdeling zich de voorbije jaren vooral op interne ruzies heeft gefocust en niet echt de indruk wekt een hecht team te vormen. Het is niet eens zeker dat de effectieve partijleden Daems als burgemeester zien zitten. De ergste oppositie komt soms uit de eigen rangen.

Verder staan op de lijst een hoop onbekenden, maar dat kan aan mij liggen. Misschien zijn die mensen wel wereldberoemd in hun eigen straat, hoewel het gebrek aan vrijwilligers om hun affiches aan het raam te hangen veelzeggend is. Op de tweede plaats staat Lien Degol, voltijds styliste en dus zeker goed bevriend met een aantal parvenus die klagen over hoge belastingen maar wel genoeg geld overhouden om dure auto’s en op maat gemaakte kostuums te kopen. Volgens mij doet Degol dit meer om de rest van de partij een plezier te doen dan met de ambitie de stad effectief te besturen. In elk geval wordt haar sympathieke omgang met de medemens volledig tenietgedaan door de aanwezigheid van onderkruipsel en lijstduwer Luc Ponsaerts. Ponsaerts is werkelijk een van de meest seksistische schepsels die ooit de gemeenteraad en het Leuvens verenigingsleven hebben vervuild, wat op zich al genoeg is om hem in een gesloten instelling op te sluiten in afwachting van zijn deportatie naar een land waar de mensenrechten niet van tel zijn. Oeganda staat zeker op de lijst.

Nu we het toch over deportaties en mensenrechten hebben, is de stap naar het Vlaams Belang natuurlijk niet groot. De lijsttrekker is Hagen Goyvaerts, die in de pers de ambitie heeft uitgesproken het aantal zetels van zijn fractie te verdubbelen. De belangrijkste reden is natuurlijk dat Hagen het beu is helemaal alleen in die vergaderingen te zitten en door iedereen te worden genegeerd. Voor het overige valt er niet veel te vertellen. De ingediende lijst bevat maar 23 namen, wat impliceert dat ze het blijkbaar moeilijk hebben om nog mensen te vinden die in hun programma geloven. Op de tweede plaats staat een zekere Tammara Van Biesen. Volgens sommige bronnen is Google een almachtige spionagemachine die ons allemaal in de gaten houdt, maar in het geval van Tammara hebben ze dan toch niet erg hun best gedaan. Het enige wat ik over haar heb gevonden, is dat ze een alleenstaande moeder is en dat ze in de raad van bestuur van de Vlaamse Kring Regio Leuven zetelt. Die vereniging is officieel partijonafhankelijk en pluralistisch, maar de activiteitenlijst is tegelijkertijd dubieus en lachwekkend. Voor de resterende maanden van 2018 staat welgeteld een enkele activiteit gepland, namelijk een bezoek aan “een kerstmarkt” op “een zaterdag in de eerste helft van december”. Minder hilarisch zijn de regelmatig weerkerende deelnames de voorbije jaren aan de IJzerwake, herdenkingen van de Guldensporenslag en lezingen over de stichting van de Vlaamse staat. Op de website van de vereniging staan overigens ook de logo’s van sponsors, waaronder café Tempo in Kessel-Lo en het vorig jaar overgenomen café De Phare in Heverlee [8]. De Leuvense volksmens moet blijkbaar ook graag met een goedendag op Leliaerts kloppen.

De PvdA kan natuurlijk niet op alombekende boegbeelden rekenen, maar hoopt ditmaal te kunnen rekenen op een algemene maatschappelijke ontevredenheid om toch minstens een zetel te veroveren. Die ene zetel zou natuurlijk geen geweldige impact op het beleid opleveren, maar het zou wel een symbolische overwinning betekenen voor een partij die al meer dan veertig jaar hardnekkig aan de slag blijft.

Op de eerste plaats staat Line De Witte, blijkbaar een leerkracht in het secundair onderwijs. Het doet me meteen denken aan het destijds weggelachen voorstel van het Vlaams Blok om een kliklijn op te zetten voor ouders die linkse leerkrachten wilden aangeven. Het heeft even geduurd voor de website op punt stond, want slechts twee weken geleden stonden er slechts tien kandidaten vermeld en had de vierde kandidaat op de lijst zelfs geen achternaam. Nu blijken er toch 46 kandidaten te zijn, aangevuld met een 47e waar geen nummer bijstaat.


De toekomstige zetelverdeling, de saaie theorie die de lezer eventueel kan overslaan

Hoe het aantal zetels zal evolueren, valt natuurlijk moeilijk te voorspellen. Indien we enkel rekening houden met zeven partijen, namelijk de zes partijen die momenteel in de gemeenteraad zetelen en de ambitieuze PvdA, zijn er nog steeds 329 mogelijkheden. Het zou nogal onrealistisch zijn die allemaal te overlopen en te verwachten halverwege nog een enkele lezer over te houden. Ik beperk me tot een aantal mogelijkheden die volgens mij een kans maken.

Maar eerst moet ik misschien even uitleggen hoe de zetels eigenlijk worden verdeeld. Voor sommige lezers is dit misschien saai of overbodig, maar ik kan me voorstellen dat niet iedereen het zogenaamde systeem-Imperiali kent [9]. Dit systeem is overigens in het begin van de 20e eeuw ontwikkeld door een conservatieve katholiek om de grote partijen, in het bijzonder de zijne, te bevoordelen.

Elke partij heeft een aantal stemmen gekregen. Enfin, dat hopen we toch. Elke lijststem telt als een stem. Als iemand een of meerdere voorkeursstemmen heeft uitgebracht, geldt dit in dit stadium van de telling ook als een lijststem.

Het totale aantal lijststemmen voor elke partij wordt achtereenvolgens gedeeld door 2, 3, 4, 5 et cetera tot het aantal te verdelen zetels is bereikt. In Leuven wordt dus gedeeld door 2 tot en met 47. Dit levert een hele reeks quotiënten op, namelijk 47 per partij. De 47 grootste quotiënten over alle partijen heen leveren een zetel op. Zo wordt de verdeling tussen de partijen bepaald en weet elke partij over hoeveel zetels ze kan beschikken.

Vervolgens worden de zetels binnen een partij verdeeld op basis van het aantal voorkeursstemmen. Dit is al wat ingewikkelder [10]. Het aantal lijststemmen wordt vermenigvuldigd met het aantal zetels van de partij en dan om een obscure reden weer gedeeld door 3. Vervolgens worden het aantal lijststemmen en het aantal voorkeursstemmen voor alle kandidaten van die partij opgeteld. Dit getal wordt vermenigvuldigd met het aantal aan de partij toegekende zetels en vervolgens gedeeld door datzelfde aantal + 1. Ergens weet iemand ongetwijfeld hoe die formule tot stand is gekomen. Het resultaat van deze berekening is het verkiesbaarheidscijfer [11]. Op basis hiervan kan worden bepaald wie precies verkozen is.

De eerste op de lijst moet het verkiesbaarheidscijfer halen. Indien hij daar niet geraakt, worden lijststemmen aan zijn voorkeursstemmen toegevoegd tot hij het verkiesbaarheidscijfer bereikt. Vervolgens gebeurt het volgende met de tweede op de lijst en zo verder tot er geen lijststemmen meer overblijven om uit te delen. De kandidaten die na deze operatie het hoogst aantal stemmen achter hun naam hebben staan, zijn verkozen.

De toekomstige zetelverdeling, de praktijk

Om te beginnen, zit sp.a in een eigenaardige positie. De partij zal zeker stemmen verliezen, maar is tegelijkertijd ook nog favoriet om de grootste partij te blijven. Het zou er wel eens op kunnen neerkomen dat de grootste verliezer ook de grootste winnaar blijkt te zijn.
Mogelijke zetels: 11, 12, 13 of 14

CD&V zal, in overeenstemming met de algemene ideologische lijn, een resultaat halen dat vis noch vlees is. Heel wat trouwe kiezers zullen aan boord blijven, zoals in ongeveer elke Vlaamse gemeente die niet Antwerpen heet, maar veel meer dan een status quo zit er niet in. Een lichte daling behoort tot de mogelijkheden, maar de partij heeft niet genoeg negatieve aandacht gekregen om zwaar te worden afgestraft.
Mogelijke zetels: 7, 8 of 9

De N-VA kan zeker profiteren van haar algemene populariteit, zelfs al ontbreekt het de lokale afdeling aan een boegbeeld of een overheersend thema om de campagne volledig naar eigen hand te zetten. Het staat zo goed als vast dat de partij beter zal scoren dan in 2012.
Mogelijke zetels: 11, 12, 13 of 14

Groen heeft de peilingen mee en speelt in op thema's die politiek steeds belangrijker worden. De partij zal zeker beter scoren dan in 2012, maar niemand weet natuurlijk hoe sterk de stijging zal zijn.
Mogelijke zetels: 9, 10, 11, 12 of 13

Open Vld is niet zo populair in Leuven, maar heeft waarschijnlijk nog wel voldoende aanhangers om zich in stand te houden. Een lichte stijging is niet uitgesloten, maar meer zit er niet in.
Mogelijke zetels: 2, 3 of 4

Het Vlaams Belang zou wel eens onder de theoretische kiesdrempel [12] kunnen verdwijnen, maar het is even goed mogelijk dat de harde kern voldoende trouw blijft en die ene zetel in stand houdt.
Mogelijke zetels: 0 of 1

De PvdA wil eindelijk uit haar frustrerende isolement breken, maar dat zal natuurlijk een harde strijd worden. Een winst van een paar percenten zit er eventueel in, maar meer zeker niet.
Mogelijke zetels: 0 of 1

Ik vat het even samen in een hopelijk overzichtelijke tabel met een paar mogelijkheden. Ik herhaal hier voor de duidelijkheid nog even dat er twee zetels meer te verdelen vallen dan in 2012 voor de huidige gemeenteraad het geval was.

Scenario 1 is een afstraffing van de coalitie en een ruk naar rechts.
Scenario 2 is een afstraffing van de coalitie met winst voor de linkse oppositie
Scenario 3 is een quasi-status quo voor de coalitie met een rechtse stijging
Scenario 4 is een quasi-status quo voor de coalitie met een linkse stijging

Partij:             Scenario 1    Scenario 2    Scenario 3    Scenario 4
sp.a                 11                11               14              14        
CD&V                8                 8                 9                9    
N-VA                14                11               12               8    
Groen               9                 13               9                13    
Open Vld          4                 3                 3                2    
Vlaams Belang  1                 0                 0                0    
PvdA                0                1                  0                1    
Totaal             47               47                47              47

De mogelijke toekomstige coalities

In tegenstelling tot de zetelverdeling wordt het nu een pak simpeler. Er zijn namelijk niet zo veel mogelijkheden om een meerderheid te vormen. Die meerderheid moet minimaal 51 percent van de zetels vertegenwoordigen, maar het is natuurlijk comfortabeler te besturen met wat meer reserve [13]. De huidige Leuvense coalitie beschikt over 25 van de 45 zetels en heeft dus een overschot van twee zetels. De nieuwe meerderheid zal minstens 24 zetels moeten tellen.

Een aantal mogelijkheden vallen sowieso uit de boot. Het cordon sanitaire rond het Vlaams Belang wordt, zeker in Leuven, door niemand in vraag gesteld [14]. Verder heeft de N-VA zich tot voornaamste doel gesteld de sp.a buiten te werken en ziet Groen de samenwerking met de N-VA om ideologische redenen niet zitten. CD&V en sp.a vinden dan weer dat ze de voorbije jaren goed hebben samengewerkt. De (centrum-)rechtse partijen weigeren elke samenwerking met de PvdA. Coalities met slechts twee partners genieten traditioneel de voorkeur, maar tegelijkertijd ziet ook niemand een coalitie met meer dan drie partijen echt zitten. Dergelijke coalities houden overigens meestal niet lang stand.

In scenario 1:

1.1 sp.a + CD&V + Groen: 28 zetels
1.2 CD&V + N-VA + Open Vld: 26 zetels

In scenario 2

2.1 sp.a + Groen: 24 zetels
2.2 sp.a + Groen + PvdA: 25 zetels
2.3 sp.a + CD&V + Groen: 32 zetels
2.4 sp.a + Groen + Open Vld: 27 zetels

In scenario 3

3.1 sp.a + CD&V + Groen: 32 zetels
3.2 sp.a + CD&V + Open Vld: 26 zetels
3.3 sp.a + Groen + Open Vld: 26 zetels
3.4 CD&V + N-VA + Open Vld: 24 zetels

In scenario 4

4.1 sp.a + CD&V + Groen: 36 zetels
4.2 sp.a + CD&V + Open Vld: 25 zetels
4.3 sp.a + Groen: 27 zetels
4.4 sp.a + Groen + Open Vld: 29 zetels
4.5 sp.a + Groen + PvdA: 28 zetels

De meest waarschijnlijke toekomstige coalities

Nu we min of meer weten wat de mogelijkheden zijn, is de volgende vraag welk bestuursakkoord het waarschijnlijkst is of, met andere woorden, welke partijen het gemakkelijkst tot een overeenstemming kunnen komen.

In scenario 1:

Er zijn slechts twee mogelijkheden en alles hangt af van CD&V, een partij die zich plots in een zeer luxueuze positie bevindt. Indien de N-VA als grootste partij bereid is CD&V veel postjes, waaronder het burgemeesterschap, te gunnen, kan ze erin slagen sp.a buiten te werken. Indien de N-VA niet voldoende geschenken geeft, zal CD&V vrij snel voor een voortzetting van of variatie op de huidige coalitie kiezen.

In scenario 2:

Scenario 2.1 levert een te nipte meerderheid op. Ik kan me voorstellen dat er bij sp.a nog vrij veel mensen rondlopen die huiverachtig staan tegenover de samenwerking met de PvdA in scenario 2.2. Gezien de animositeit tussen Groen en de pion van de vastgoedsector Carl Devlies lijkt scenario 2.4 waarschijnlijker dan scenario 2.3.

In scenario 3:

Ondanks alles is scenario 3.1 volgens mij nog iets waarschijnlijker dan scenario 3.2, wat op zijn beurt nog net iets waarschijnlijker is dan scenario 3.3. Scenario 3.4 levert een te nipte meerderheid op.

In scenario 4:

Scenario 4.5 is zeer onwaarschijnlijk. Indien niemand ze nodig heeft, mogen de militanten van de PvdA niet meespelen. Het meest waarschijnlijke scenario is 4.3, gevolgd door 4.1 en 4.2. Scenario 4.3 is zeker een mogelijkheid, maar sp.a zal CD&V niet graag voor Open Vld inruilen. Ze houden daar natuurlijk ook rekening met het feit dat er in 2024 opnieuw verkiezingen zijn en dat het nadien wel eens moeilijk onderhandelen zou kunnen zijn met een bende rancuneuze christenen.

Stemadvies

Alvorens dit al veel te lang uitgevallen stuk af te sluiten, wil ik me nog aan wat advies wagen. Men zou natuurlijk kunnen stellen dat iedereen moet stemmen op de partij die hem of haar het meest aanspreekt. Maar soms willen mensen ook tactisch stemmen, op voorhand denkend aan de coalitie die na de telling van de stemmen moet worden gevormd [15]. Ik baseer me hiervoor op de hierboven al toegelichte scenario's.

Wie sp.a uit het college van burgemeester en schepenen wil houden, stemt eigenlijk beter niet op Open Vld, want die zullen het grote verschil niet maken. Een stem op CD&V is beter, want zonder die partij kan de N-VA niets beginnen.

Wie CD&V uit het college wil houden, stemt ironisch genoeg best op sp.a, hoewel die partij net tevreden is met de samenwerking van de voorbije jaren. Het is echter onmogelijk een alternatieve coalitie te vormen zonder sp.a.

Wie de N-VA uit het college wil houden, stemt voor de veiligheid best ook niet op CD&V. Een coalitie met de N-VA kan namelijk niet zonder CD&V.

Wie Groen uit het college wil houden, kan opteren voor een sterke sp.a en voor een sterke CD&V. Een stem op de andere partijen zal vanuit dit oogpunt niet veel uithalen.

Wie Open Vld uit het college wil houden, stemt ook beter niet op de N-VA, want deze partij heeft Open Vld nodig om een meerderheid te kunnen creëren. Beter is een stem op sp.a, CD&V of Groen, zodat deze partijen met zijn tweeën of zijn drieën een meerderheid kunnen vormen.

Wie het Vlaams Belang uit het college wil houden, heeft moreel besef.

Wie de PvdA uit het college wil houden, moet sowieso niet veel moeite doen.

Slotopmerking

Men zou uit het bovenstaande kunnen concluderen dat de situatie in Leuven ingewikkeld is en dat links onder druk staat. Ik vind dat allemaal nog meevallen. Ik zou het in elk geval veel moeilijker vinden een linkse coalitie te bedenken of mensen van mijn progressieve standpunten te overtuigen in een gemeente als Beringen, waar Turkse fascisten met de dubbele nationaliteit inwoners met een Belgisch paspoort op straat aanvallen en met de dood bedreigen omdat ze kritiek hebben op de dictator van een ander land. Daar zullen de linkse partijen het pas moeilijk krijgen en dat is helaas een probleem dat ze zelf hebben laten groeien.

----------------------
[1] Vanaf de komende legislatuur, die in januari 2019 begint, zijn de provincies niet langer bevoegd voor de zogenaamde persoonsgebonden bevoegdheden. De provincies zijn, met andere woorden, vanaf dan enkel nog bevoegd voor opdrachten toegekend door het Vlaamse Gewest en worden niet langer betrokken bij het beleid van de Vlaamse Gemeenschap. Wie er nu al niets meer van snapt, moet maar een petitie beginnen om grondwettelijk recht in de leerplannen van het secundair onderwijs op te nemen. In de praktijk komt het erop voornamelijk op neer dat de provincies geen subsidies aan culturele en sociale verenigingen meer kunnen toekennen en niet langer gemeentelijke subsidiereglementen moeten goedkeuren, wat natuurlijk de macht van de burgemeesters weer eens vergroot.
[2] Tenslotte zijn het op 26 mei 2019 weer Vlaamse, federale en Europese verkiezingen. De gemeentelijke scores zullen al een voorsmaakje geven van wat de partijen dan te wachten staat.
[3] Allez, ja, we hebben wel een haven. Het is zelfs een jachthaven, met zestig ligplaatsen voor kleinburgerlijke elementen zonder zinvollere hobby’s waarop de jacht inderdaad mag worden geopend.
[4] Dit betekent natuurlijk niet dat we elke poging tot fysica van deze Griekse filosoof even ernstig moeten nemen. Zich niet bewust van de zwaartekracht verklaarde hij het vallen van stenen als een streven van alle voorwerpen om zich bij hun soortgenoten te voegen, in dit geval dus de stenen die al op de grond lagen. Ik vraag me af hoe hij op basis van dit principe zinkende boten zou verklaren.
[5] Officieel is Leuven natuurlijk een stad. Wanneer zal iemand die ouderwetse terminologie eens afschaffen? De middeleeuwse stadscharters zijn al lang niet meer van kracht en wie een groter gevoel van eigenwaarde haalt uit het feit dat hij in een stad en niet in een gewone gemeente woont, mogen ze opknopen aan de Meiboom.
[6] Eind 2017 ging het om exact 100.414 inwoners, maar dat aantal evolueert natuurlijk dagelijks.
[7] Meer bepaald gaat het om de zaakvoerders van Home & Garden, van schoenmakerij De Lepper en van café Vandevelde, het etablissement in de stadsbibliotheek. De oude oprichter van de rijschool Mercator staat ook op de lijst. De man is 87, maar heeft blijkbaar niets beters te doen.
[8] Het is natuurlijk belangrijk die overname te vermelden. De vorige eigenares van de Phare heeft hier absoluut niets mee te maken.
[9] In België worden twee verschillende systemen gebruikt om zetels te verdelen. Voor de parlementsverkiezingen wordt het zogenaamde systeem-D'Hondt gebruikt. Voor de Europese verkiezingen zou ik het even moeten opzoeken, maar helaas ben ik daar te lui voor.
[10] Wie dit te complex vindt, mag altijd een eenvoudiger voorstel naar voren schuiven. De afschaffing van de lijststem, zoals de Toscaanse liberaal Verhofstadt ooit heeft voorgesteld, lijkt me geen goed iee, want dit zou partijgenoten nog meer in de rol van onderlinge concurrenten duwen en tegelijkertijd de personencultus rond sommige topfiguren nog versterken.
[11] Ik zal voor de muggenzifters maar toevoegen dat cijfers achter de komma naar boven worden afgerond.
[12] In tegenstelling tot de parlementsverkiezingen is er geen officiële gemeentelijke kiesdrempel.
[13] Het gebeurt in de dorpspolitiek al wel eens dat iemand naar een andere partij overloopt. Meestal is dit gebaseerd op eigenbelang, hoewel het in de pers natuurlijk altijd over meningsverschillen en maatschappijvisies gaat.
[14] Zeker nu het Vlaams Belang zo klein is geworden, zou dit overigens politieke zelfmoord zijn en dat nog het meest voor de N-VA.
[15] Voor zover ik weet, is er in Leuven geen officieel voorakkoord. Eigenlijk denk ik dat niemand er zich aan durft te wagen omdat niemand durft te voorspellen wat de resultaten zullen zijn. Politici van verschillende partijen spreken natuurlijk wel eens met elkaar, maar uiteindelijk betekent dat vrij weinig.